– Door Eva

‘Waar is Soso eigenlijk?’ vraag ik. ‘Heb jij haar nog gezien?’ Bert zegt: ‘Ik weet het niet.’ Ik ga haar zoeken. Kijk achter het gordijntje van de tv-kast, schuif mijn bureaustoel onder het bureau vandaan. Dan loop ik naar de badkamer. In de wasmand misschien? Ik kijk op alle stoelen in de eetplaats. Open de kastjes in de keuken. Achter het toilet? Ik loop naar boven, met twee treden tegelijk. Op haar kussen onder het bed ligt ze niet. Dan zie ik het raam wagenwijd openstaan. Ze zit graag op de vensterbank, ze zal toch niet…? Ik kijk de straat uit, nergens zie ik wit en zwart. Daarna loop ik naar buiten. Ik kijk in het speelhuisje, naar haar lievelingsstoel, naar haar lievelingsplekje op de trap. Ondertussen is Bert ook buiten gekomen, hij loopt naar het waskot, trekt de deur open. We staren allebei een tel of twee naar de wasmachine. ‘Ze zal toch niet…?’ vraagt Bert. Hij trekt het deurtje open, begint witte was uit te laden. Ik durf niet te kijken, sta te dralen buiten. ‘En?’ vraag ik. Bert zegt: ‘Hier is ze niet.’ Dan lopen we naar de garage.

We vinden Soso in de auto, miauwend met twee poten op het stuur.

Schermafbeelding 2016-08-19 om 23.14.17

 

Advertisements