– Door Bert

(Tarwevrij, koemelkvrij, veggie)

Toegegeven, het was even schrikken toen we in november de opdracht kregen om de komende tijd geen koolhydraten te eten. Tarwe aten we al langer niet meer, maar hey, dan zijn nog altijd spelt en co voorradig! Geen koolhydraten betekent ook: geen aardappelen (een stiekem vreugdesprongetje van ondergetekende), spelt, boekweit, rijst, quinoa,… Na het eerste schrikken ging ik meteen op zoek naar alternatieven. Ik probeerde klassiekers te herdenken en op zoek te gaan naar nieuwe mogelijkheden en combinaties.

Ovenschotels, soepen en ‘pasta’s’ maakte ik eerder al, maar één favoriet bleef weg van het menu: onze overheerlijke truffelpizza. Daar moest dus dringend iets aan worden gedaan.

De lekkerste manier om bloemkool te eten ontdekte ik toen ik met bloemkool deed wat je met chilipepers doet: ze losweg aanbranden in het gasvuur. Simpeler wordt koken niet: Gewoon de gaspit opendraaien, je bloemkool erop zwieren, af en toe draaien, hem mooi zwart laten blakeren (niet helemaal, maar hij mag wel zwart worden) en klaar is kees. Ik zweer het … De aroma’s die daarmee vrijkomen zijn adembenemend, en de gelaagdheid in zowel beet als smaak is geweldig. Maar goed … bloemkool dus. Als je van bloemkool couscous kan maken, moet er een manier zijn om er deeg van te maken. Deeg vertrekt van droog meel, dus moeten we de bloemkool ‘droogleggen’. Als dat lukt, moet een deeg mogelijk zijn. En als je deeg kan maken, kan je pizza maken… Pure logica, maar lukt het effectief? Kan je bloemkool als pure onversneden pizza laten ruiken? Het antwoord is, volmondig, ja!

Soit, het lijkt allemaal ontzettend veel tijd in beslag te nemen, en dat doet het ook, maar tussen de verschillende stappen door kan je makkelijk andere dingen doen. Tijd – of beter géén tijd – is dus geen alibi om het niet eens te proberen.

Voor het deeg heb je nodig:
. 1 bloemkool (hoe groter hoe beter)
. 1 teentje knoflook, fijn gesnipperd
. 1 ei (volgende keer probeer ik het enkel met een eigeel, dat lees je hieronder)
. 1 handje geraspte parmezaan of pecorino (moet niet per se, maar het kan)
. oregano
. peper
. zout

En zo ga je te werk:
Verwarm de oven op op 180 à 200°C (wisselt van oven tot oven). Verwijder het loof van de bloemkool. Breek de kool in enkele grote stukken, zodat je die gemakkelijk kan vasthouden. Rasp de hele bloemkool in een kom, die je, als je niet je hele keuken vol bloemkoolstukjes wil hebben, best in de spoelbak zet. Plet het teentje look en meng het onder de bloemkool.

Bekleed een bakplaat met een vel bakpapier (ons siliconen bakvel is helaas te klein om alle kleine stukjes op te vangen) en verspreid de bloemkool gelijkmatig over de plaat. Bak hem een half uurtje en roer af en toe even om. Eigenlijk gaar je hier de bloemkool en droog je hem uit. Hoe droger hij wordt hoe beter, dus als je het nog even langer in de oven wil laten staan mag dat zeker. Zorg gewoon dat ie niet verbrandt.

Haal de bloemkool uit de oven en laat een kwartiertje afkoelen. Daarna doe je alles in een thee- of neteldoek en probeer je zo veel mogelijk van het vocht uit de bloemkool te persen. Dat kan wel even duren, een bloemkool houdt blijkbaar nogal wat sap vast. Als je van plan bent nog soep te maken, vandaag of morgen, kan je het sap opvangen en gebruiken als smaakmaker in soep of saus. Hoe meer vocht er weg is hoe beter, dus kijk niet op een (‘gnnn’) extra inspanning.

Je zal merken dat je een soort van deeg krijgt die erg op een bol pizzadeeg lijkt. Als de consistentie goed vast is, ben je op de goede weg! Voeg nu de oregano, peper, zout, kaas kruiden naar smaak én het ei bij en meng goed tot je opnieuw een deegbal krijgt. Hier kom ik dus op het punt met het ei. Want je maakt het deeg weer heel wat natter… Daarom ga ik voor de binding de volgende keer proberen werken met enkel een eigeel. Agar agar zou ik ook eens kunnen proberen… I’ll keep you posted!

Bekleed je bakplaat met een nieuw stuk bakpapier, maar gooi het eerste niet weg. Druk je bloemkooldeeg plat op de plaat en bedek die met het eerste bakpapier. Nu kan je de bodem zo plat als je kan of je bakplaat toelaat uitrollen met een deegrol. Bak dan de pizzabodem ongeveer een half uur op 200°C tot ie kleur begint te krijgen, of al wat krokant wordt. Je zal het snel merken… want plots gaat je bloemkool naar pizza ruiken! Hell yeah! Zodra je de pizzabodem uit de oven haalt, draai je de temperatuur naar het maximum, want pizza’s bakken doe je in een superhete oven.

Ondertussen maak je alles klaar voor de topping. Vanaf nu gaat alles hetzelfde als bij een normale pizza. Beleg dus maar met wat je zelf het lekkerste vindt. Onze topfavoriet is onze eigen versie van de ‘Bosco’ pizza, die we altijd eten bij Eat Love Pizza. Het is een pizza met champignons, truffelsaus en buffelmozzarella (de mozzarella heb ik deze keer weggelaten).

Ik gebruikte dit voor de topping:
. 2/3 potje truffelsaus – ik koop die bij m’n favoriete Italiaan Casa Del Capriccio.
. 4 teentjes look (mag ook minder, wij houden er wel van én ‘t is megagezond)
. truffelolie
. peper
. zout
. beetje arrabiata kruidenmix (behoorlijk pikant) die ik haal bij Spice Bazaar in de Burgstraat. Ook een topadresje om eens langs te gaan.

Plet de teentjes look en doe ze samen met de truffelsaus en de kruiden in een mengpotje. Meng alles goed door mekaar en voeg nog een beetje extra truffelolie toe zodat je een smeuïg geheel krijgt. Doe er zeker niet teveel olie, bij, dat maakt de pizzabodem opnieuw wak.

Verder gebruikte ik nog:
. enkele Parijse champignons, in schijfjes gesneden
. pecorino, geraspt of met de dunschiller in héérlijke fijne plakjes gesneden (hou een beetje over, als de pizza uit de oven komt gooi je er nog lekker wat rucola op en wanneer je daarboven nog wat kaas strooit … komt de hemel erg dicht bij je bord)
. rucola
. truffelolie

Beleg je pizza met alles wat je wil, maar werk snel en bak hem in enkele minuten helemaal klaar in je superhete oven. En ja hoor: nu gaat het hele huis nòg meer naar pizza ruiken. Heerlijk! Niemand gaat op dit moment merken dat je geen gewone pizza aan het maken bent!! Maar goed … wanneer je pizza eruit komt, gooi je er dus nog wat rucola, wat overgebleven pecorinoschaafsel én een schone geut truffelolie over… en dat… komt dus… betrekkelijk dicht… bij… de hemel… op je bord. Geniet ervan!

STUDIO SOSO BKP10 copy.jpg
Aanvallen!

 

Advertisements